|
WAT LEVERT HET
OP?
Politici luisteren beter als je samen een vuist maakt.
De wereldwijde campagne STAND UP AND TAKE ACTION heeft de afgelopen
jaren miljoenen mensen over de hele wereld samengebracht. Dankzij
nationale acties van de Global Call to Action against Poverty
(GCAP) samen met de UN Millenniumcampaign, initiatiefnemer van
STAND UP, is in verschillende landen al veel bereikt. Zo heeft de
regering van de Filippijnen eindelijk formeel toegegeven dat het
land veel meer armen heeft dan zij eerst beweerde.
50 cent is niet genoeg voor een Filippino
Wie kan er rondkomen van 50 cent per dag? Op de Filippijnen werd
in 2006 een soort real life show opgezet, waarin een aantal mensen
probeerde rond te komen van 36 Peso's, ongeveer 50 eurocent, per
dag. Hoewel dit destijds de officiële armoedegrens was in de
Filippijnen, redde niet één van de deelnemers het met
dit schamele bedrag. De nationale poot van Global Call to Action
against Poverty (GCAP) had de actie op touw gezet.
De pers sprong bovenop de campagne '36 Peso's is niet genoeg',
video-opnamen werden op de nationale TV vertoond en in het land
kwam een discussie op gang over hoe de autoriteiten de werkelijke
armoede verdoezelden met hun onrealistische armoedegrens. De
Filippijnse overheid kon niet langer om de feiten heen en verhoogde
in 2006 het officiële minimumbedrag van 36 naar 39 Peso's en
vervolgens in 2007 naar 41 Peso's. Eindelijk werd formeel
toegegeven hoeveel mensen in armoede leefden, zodat het
overheidsbeleid hierop aangepast kon worden.
Minder armoede onder Servische jongeren
De enorme werkloosheid onder jongeren in Servië kreeg pas
aandacht van de overheid, toen de Servische Global Call to Action
against Poverty (GCAP) haar schijnwerpers erop richtte. Aan de hand
van concrete cijfers, werden strategieën en nationale
actieplannen ontwikkeld om de armoede onder jongeren te
verminderen.
GCAP in Servië voerde een succesvolle bewustwordingscampagne
in de media en wist ook de publieke sector te betrekken bij haar
plannen om de jeugdwerkloosheid terug te dringen. In vijf
verschillende Servische gemeentes ontwikkelden coalities
activiteiten in samenwerking met het bedrijfsleven. Uiteindelijk
resulteerden deze nationale initiatieven in een ronde-tafel-gesprek
op nationaal niveau, bijgewoond door vertegenwoordigers van o.a.
het Ministerie van Economische Zaken en Regionale Ontwikkeling, het
Ministerie van Jeugd en Sport, maatschappelijke organisaties, het
bedrijfsleven en jongeren. De GCAP-coalitie gaat verder met haar
lobby voor een nationaal actieplan om werkloosheid en armoede onder
jongeren te beperken.
Arm + vrouw = pech
Op het platteland van Peru worden meisjes en vrouwen mishandeld,
verkracht en tegen hun zin gesteriliseerd. Bovendien hebben ze vaak
geen officiële papieren, zoals een identiteitsbewijs. Want als
je arm bent en ook nog vrouw of meisje, dan heb je gewoon pech
gehad. Gelukkig is dit nu - deels - verleden tijd, dankzij het
'vrouwentribunaal' van Global Call to Action against Poverty
(GCAP).
Armoede en de schending van vrouwenrechten zijn nauw met elkaar
verweven. 'Vrouwentribunalen' bieden achtergestelde vrouwen de
gelegenheid hun hart te luchten en in contact te komen met
politieke beslissers. Zo draaide het eerste vrouwentribunaal, in
2007 in Peru, om de trieste situatie van veel Peruaanse
plattelandsvrouwen en -meisjes en werd de overheid opgeroepen om de
positie van deze groep te verbeteren. De autoriteiten konden niet
om deze oproep heen en zegden toe de situatie van hen te
verbeteren. Peruviaanse organisaties blijven hun regering tot op de
dag van vandaag herinneren aan hun verantwoordelijkheid. Het succes
van 2007 heeft navolging gekregen. In verschillende landen worden
sindsdien vrouwentribunalen georganiseerd die arme vrouwen de
gelegenheid bieden om openlijk te vertellen over het onrecht dat ze
tegenkomen in hun persoonlijke leven.
Oorlog en armoede gaan hand in hand
Levend worden begraven, sterven van de honger, verkracht worden,
vluchten uit je vertrouwde omgeving. De wreedheden tijdens de
oorlog in Kongo kenden geen grenzen. Global Call to Action against
Poverty (GCAP), gevestigd in het onrustige oosten van Kongo, bouwt
aan een nieuwe samenleving.
Met naar schatting 3,8 miljoen oorlogsdoden sinds 1998, wordt de
Kongolese oorlog beschouwd als het grootste gewapende conflict
sinds de Tweede Wereldoorlog. De overlevenden hebben te kampen met
fysieke en psychische problemen, maar ook met armoede. Want oorlog
en armoede gaan altijd hand in hand. De nationale GCAP ontwikkelt
bewustwordingsactiviteiten voor de gemeenschap die de link tussen
oorlog en armoede duidelijk maken, maar biedt ook nieuwe hoop. Zo
organiseert GCAP trainingen over vredesopbouw en geeft
traumatherapie aan vrouwen die te maken hebben gehad met seksueel
geweld.
Klik hier om dit artikel te
downloaden
|
|